Een fijne dag in grote vrijheid

Bij de kassa van het Vlinderparadijs op het Holtingerveld zat een oude mevrouw met ernstige beperkingen. Het kontante entreegeld kon ze niet aanpakken. Ik moest mij over een toonbank buigen om het geld in haar handen te leggen, dichtbij het kistje waarin het opgeborgen werd. Zij fluisterde mij bijna onhoorbaar, een fijne dag toe. In het eigenlijke paradijs was het 27 graden en vredig stil. Er waren de prachtigste, exotische vlinders. Heel grote, wit gevlekten die al zwevend, voortdurend aanduwden tegen het met daglicht doorschenen, glazen plafond. Twee grote  bruine vlinders zaten doodstil, lange tijd op een terracotta voerbakje, dicht tegen elkaar. Ik zat op een bankje na te denken, tussen de weelderige, tropische planten.  Gisteren was de dag van de verkiezingen. In het dorpshuis van Havelte stond zelfs een kleine rij te wachten bij het stembureau. Het rode potlood was terug, samen met de stembus en zoals bij alle verkiezingen, voornamelijk gepensioneerde mannen achter doorleefde vergadertafels. Iedereen die met het extra, lange stembiljet richting de hokjes ging, kreeg uitdrukkelijk, een fijne dag toe gewenst. De verkiezingsdag voltrok zich, volledig buiten het digitale weefsel, waarvan wij intussen onlosmakelijk deel maken. Het ministerie van Binnenlandse Zaken wist met handmatig stemmen de verkiezingen veilig te stellen en het gevaar van hacken te voorkomen. Ik voelde een vage mengeling van ernst, beetje trots en lichte vrolijkheid. Als kiezer deed ik er toch maar mooi wél, heel eventjes toe; kon ik een beetje duwen, gaf een krasje op het glazen plafond. Wat bezweet liep ik het Vlinderparadijs uit; op weg in een fijne dag van grote vrijheid, zonder hacken.